verslag van zeereis van Gijs de Wildt - Oorlogsslachtoffers Betuwe-West

Oorlogsslachtoffers uit gemeenten Buren, Culemborg en West Betuwe
Oorlogsslachtoffers West- Betuwe
Ga naar de inhoud

verslag van zeereis van Gijs de Wildt

Gemeente West Betuwe > Gesn. Indiëgangers
Verslag van reis naar Indië door collega van Gijs de Wildt

Op 28 februari 1948 vertrok hij per SS KPM Volendam (zie foto) richting Nederlands Indië. 26 maart 1948 kwam hij aan in Belawan (Medan). De Volendam, aan boord waren ongeveer 2500 militairen. De officieren hadden hutten met stapelbedden, maar de soldaten sliepen in hangmatten in het ruim. Het stonk er verschrikkelijk. Slaapplaatsen waren er niet genoeg en velen sliepen op de grond. De reis ging van Rotterdam,  Gibraltar, Algiers, Malta, Port Said, Suez Kanaal, Rode Zee, Aden, langs de kust van Somalië (Gees Gwuardafui) en tenslotte in ongeveer 6 dagen via de Malediven naar Sabang .
Bij Port Said kwamen veel bootjes, de zogenaamde parlevinkers, langszij om hun koopwaar aan te bieden. Aan wal was het spel wat we tegenwoordig "Balletje, balletje" noemen. Daar werd er "Kippetje, kippetje" geroepen door de goochelaars. In een paar havens was er de mogelijkheid om post te ontvangen en te versturen.
Onderweg op de Rode Zee werd het appel afgeschaft: door de hitte gingen teveel soldaten tegen de vlakte.
In de buurt bij Aden  hebben ze haaien gezien en voor de Afrikaanse kust potvissen.
In Aden kochten heel wat soldaten sigaretten. Zo’n 2 à 3000 stuks was normaal. Sommige bemanningsleden kochten er tapijten om mee naar huis te nemen.
Aan boord was er vertier. Er werden bokswedstrijden georganiseerd, filmvoorstellingen met Laurel en Hardy,  kerkdiensten en een revue.
Verder waren er verplichte rusttijden waren tussen 14:00 en 16:00 uur. Er vond ook ochtendgymnastiek plaats, meestal rond 06:00 uur.
Ze kregen informatie over hoe je jezelf kon beschermen tegen de malariamug.
Het eten was goed. Aardappels met kapucijners of prinsessenbonen en pudding na.
Onderweg vond een gezondheidsinspectie plaats. Op scabiës, schaamluis en allerlei andere zaken. Op de terugtocht zou dit wekelijks plaatsvinden.
Bij het passeren van de Evenaar, kwam "Neptunus" aan boord. Advies bij het van boord gaan: "Gooi geen blikjes weg want daar maakt de vijand handgranaten van.
De 14de Genie veldcompagnie is opgericht 7 januari 1948.
Ze was een onderdeel van de Divisie Drietand. Hun symbool was de helm.  
Ze waren ingedeeld bij de Z-brigade en de U-brigade. Hun actiegebieden waren: Sentang, Kisaran, Tandjoeng Poera, Bindjai, Poeloeh Brayan, Padang, Fort de Kock.
Commandant: Kapt. H.A. Franssen 07-01-1948 / 30-08-1948, Maj. Y. Best 30-08-1948  en Kapt. M. Müller.
Er is één man omgekomen: Gijsbertus de Wildt uit Beesd.  

Tijdens de 2e politionele actie, op 19 december 1948, nam de 14e Genie Veld Cie. deel aan de opmars naar Fort de Kock. Op de eerste dag ondervond de opmars zeer veel vertraging op het traject richting Loeboek Soelasih. Een deel van de hoofdmacht was genoodzaakt te voet verder te gaan. Nadat de genie de vier bruggen, die in het traject lagen, had hersteld en de vele versperringen had geruimd, kon ook de gemotoriseerde colonne de opmars vervolgen. In hoog tempo werd de opmars voortgezet via Padangpandjang naar Fort de Kock dat op 22 december werd bereikt. Ook in de dagen hierna werd 14 GnVeldCie veelvuldig ingezet bij zuiveringsacties in het nieuw bezette gebied.
Na de 2e politionele actie brak er een zware tijd aan. De hoofdtaak van 14 GnVeldCie was het openhouden van de convooiwegen tussen de belangrijkste plaatsen. Zoals bijvoorbeeld het traject Padang - Padangpandjang, door de Anaïkloof, waar maar liefs zes bruggen werden gebouwd, of het traject Painan - Indrapoera. Vele ander bruggen zijn geslagen bijv. te Pahnkambar, Koera Tadji en Moeara Sako. Vaak kwam het voor dat een net herstelde brug diezelfde nacht weer door de TNI werd vernield, waarna de genisten de volgende dag weer opnieuw konden beginnen.
Na de wapenstilstand in augustus 1949, werd het nieuw bezette gebied geleidelijk overgedragen aan de Republikeinse troepen. In december 1949 was de gehele 14 GnVeldCie weer gelegerd in Padang. Op 7 april 1950 werd 14 GnVeldCie ingescheept op de "Johan van Oldebarneveldt" en overgebracht naar Java waar het tot aan de repatriëring gelegerd was in Buitenzorg, het tegenwoordige Bogor.
Op 28 februari 1948 vertrok men per SS KPM "Volendam" richting Nederlands Indië. Op 26 maart 1948 kwamen zij aan in Belawan (Medan, Oost-Sumatra). Daar is men 6 maanden gebleven. 30 september 1948 ging men aan boord van de Plancius richting Batavia. Ze hebben een korte tussenstop gemaakt in Singapore. Na aankomst in Tandjong Priok (haven van Batavia) werd men gelegerd te mr. Cornelis. Op 9 oktober vertrok men naar Padang waar ze 12 oktober aankwamen.
De 14de Genie Veldcie bouwde o.a Baileybruggen. (genoemd naar de uitvinder de Brit Donald Bailey) Dit waren paneelbruggen, met standaardpanelen die onderling verbonden werden. Ze werden speciaal ontworpen  voor de Genietroepen, zodat mankracht ze in allerlei posities in elkaar konden zetten. Deze tijdelijke brug kon zo’n 60 meter overlappen en zware voertuigen dragen.
Bij terugkomst in Nederland kregen de militairen Fl. 10,00 voor elke maand dat zij in Nederlands-Indië waren.

Met dank aan Gina van Wijk, wiens vader een collega was van Gijs de Wildt

Terug naar de inhoud