Gesn. Duitsers in Beesd - Oorlogsslachtoffers Betuwe-West

Oorlogsslachtoffers uit gemeenten Buren, Culemborg en West Betuwe
Oorlogsslachtoffers West-Betuwe
Ga naar de inhoud

Gesn. Duitsers in Beesd

Gemeente West Betuwe > Gesneuvelde Duitse militairen
Fritz Jacobs  (Fp. no. L 54967) is geboren op 16 maart 1903 in Tangerhütte, Landkreis Stendal in de Duitse deelstaat Sachsen-Anhalt.
Fritz is in 1931 in Angern-Rogätz (nabij Maagdenburg) getrouwd. Op 27 november 1935 is hij vader geworden van zoon Fritz, die in 1974 al is overleden.
Hij is overleden in Beesd op 41-jarige leeftijd op 12 oktober 1944.
Momenteel ligt hij begraven op het Deutscher Soldatenfriedhof in Ysselsteyn: AL-5-119

foto graf: Fred Munckhof


Georg Kolb (Fp. no. 31236 A) is geboren op 10 Jan 1904 in Beilngries, Landkreis Eichstätt, in het Duitse Beieren.

foto graf: Fred Munckhof


Zijn ouders waren Josef Kolb, van beroep metselaar,  en Margaretha Kolb.
Bij een bevolkingsonderzoek in 1905 waren er ook nog drie andere kinderen: Josef, Cäcilia en Willibald.
Vermoedelijk is de familie in de jaren daarop verhuisd naar de gemeente KInding.

Georg wordt vanwege zijn geboorteplaats wel vermeld op de Herdenkingstafel in Beilngries.
(Met dank aan mevr. Dr. D. Bartholme van het archief  in Beilngries voor foto en informatie)

Georg is in Beesd overleden op 40-jarige leeftijd op 12 oktober 1944.
Momenteel ligt hij begraven op het Deutscher Soldatenfriedhof in Ysselsteyn: AL-5-118

"Deze twee militairen zijn op 12 oktober 1944 door boordwapens uit geallieerde vliegtuigen op den Rijksweg No. 26 even buiten de bebouwde kom van het dorp Beesd dodelijk getroffen en enkele dagen daarna op de Algemene begraafplaats in Beesd begraven."

Een andere, nog niet opgespoorde, Duitse militair kwam op een heldhaftiger manier om het leven:
 
Mevr. Piek-Kok van de Parkweg in Beesd vertelde dat zij in september 1944 voor het eerst Duitsers  in Beesd zag. Honderden Duitse soldaten werden ingekwartierd. In iedere boerderij aan de Parkweg werden wel tien Duitsers ondergebracht. In verband daarmee is haar één verhaal bijgebleven: "De soldaten die bij ons waren ingekwartierd gingen iedere morgen naar de kokswagen die bij Bouman aan de Parkweg stond. De meeste katholieke kinderen gingen 's morgens naar de kerk, zoals ook Adriaantje het zoontje van de familie Piek. Op een gegeven moment komt er een aanval van laagvliegende jagers (waarschijnlijk Spitfires) op een aantal Duitse militaire voertuigen. Er was natuurlijk paniek en iedereen dook de greppel in. Kinderen wisten in het geheel niet wat er gebeurde en daarom liep Adriaantje nietsvermoedend de weg op, even voorbij de begraafplaats. Een Duitse soldaat die bij ons ingekwartierd was en reeds een veilig heenkomen had gezocht, is toen de geheel overstuur zijnde Adriaantje van de weg af gaan halen. Hierbij werd de soldaat echter geraakt en is even later aan zijn verwondingen bezweken. Wij kenden deze soldaat, omdat hij bij ons was ingekwartierd. Hij was smid van beroep. Ik weet nog dat hij een foto liet zien waarop hij stond met een aantal knechten. Hij vertelde toen, dat al die knechten in de oorlog waren omgekomen."
(Bron: Oorlog achter het front van P. Penders en F. de Haas)
Terug naar de inhoud