Maurik Leslie Bullock - Oorlogsslachtoffers Betuwe-West

Oorlogsslachtoffers uit gemeenten Buren, Culemborg en West Betuwe
Oorlogsslachtoffers West-Betuwe
Ga naar de inhoud

Maurik Leslie Bullock

Gemeente Buren > Gesn. geallieerde militairen > Gesn. Engelsen
Achternaam: Bullock
Voornamen: Leslie L
Voorletters: L
Legernr.: 14708061
Rang: Gunner
Geboorteplaats: Stoke-on-Trent
Geboortejaar: 1926
Overlijdensplaats: Oosterbeek
Overlijdensdatum: 25-09-1944
Begraafplaats: Jonkerbos
Gemeente: Groesbeek
Land: Nederland
Nummer: 15.1.2  of 15.1.3

Bron foto graf: P. Reijnders
Leslie Bullock (Bron Staffordshite Sentinel 18 okt. 1945)

De ouders van Leslie "Les" waren metselaar Arthur Bullock (1888-1953) en Annie Proctor (*1886) uit het Engelse Burslem. Ze trouwden in 1906 in Stoke on Trent en kregen vier zoons: Arthur (*1916) die in de pottenbakkerij werkte, John W. (*1918) metselaar, Albert, Leslie (1926-1944) en drie dochters Ivy, Cyri en Doris.

Leslie meldde zich aan bij het General Service Corps en bood zich aan voor luchtlandingstroepen. Hij voltooide met succes de zweefvliegtraining en werd geplaatst bij 2nd (Oban) Airlanding Anti-Tank Battery (Royal Artillery) en nam deel aan Operatie Market Garden bij Arnhem.

In augustus 1944 bedenkt de Britse veldmaarschalk Montgomery een simpel en gevaarlijk plan, dat er voor moet zorgen dat de oorlog voor Kerstmis voorbij moest zijn. Hiertoe moet dan wel een luchtlanding door drie divisies (Market) worden uitgevoerd, die een strook zouden moeten innemen waar alle bruggen in lagen van de Belgische grens tot aan Arnhem.
Door een grondoffensief (Garden) zou dan in snel tempo vanuit België naar Arnhem een afstand van 120 km. overbrugd moeten worden, om de parachutisten en glidermen bij Arnhem te ontzetten.
Op 10 september 1944 geeft de Amerikaanse Generaal Eisenhower met tegenzin zijn toestemming aan dit plan Operatie Market-Garden. Hij richt dan het eerste geallieerde luchtlandingsleger op, dat uit Amerikaanse, Britse en Poolse onderdelen bestaat. Deze eerste Airborne-divisie bestaat uit parachutisten en glidermen van de 82e en 101ste Amerikaanse luchtlandingsdivisies.
De 1st British Airborne Division, die het 1e, 2e, 3e, 10e, 11e en 156e bataljon van het Parachute Regiment omvatte, stond onder bevel van generaal-majoor Urquhart. De para's werden bij Arnhem gedropt om de verkeersbrug over de Nederrijn bij Arnhem in te nemen.

Omdat er onvoldoende vliegtuigen waren om de divisie compleet te laten vliegen, moest de Luchtlandingsbrigade worden gebruikt om de dropzones en landingszones te beschermen, waardoor alleen de drie bataljons van de 1st Parachute Brigade overbleven om de brug te beveiligen.

Ondanks de aanvankelijke verrassing stuitten de licht uitgeruste parachutisten al snel op onverwacht hevig Duits verzet, omdat het II SS Panzer Corps zich toevallig in en rond het Arnhemse gebied ophielden. Alleen het 2nd Parachute Battalion onder bevel van luitenant-kolonel Frost en van het Royal Engineers Squadron en Recce Company bereikten de brug en beveiligden het noordelijke uiteinde. Ze werden al snel afgesneden.
Ondanks de constante aanvallen van Duitse pantser en infanterie werd de Arnhemse brug drie dagen en vier nachten vastgehouden. Het was de taak van de divisie om 48 uur te wachten, totdat ze door de grondtroepen werden ontlast. Helaas werden die opgehouden ten noorden van Nijmegen.

Ondertussen werd de rest van de Luchtlandingsdivisie door de grote Duitse troepenmacht bijeengedrongen in het zuidelijk gedeelte van Oosterbeek en kon Arnhem niet meer bereiken. Ze hielden negen dagen stand tegen overweldigende Duitse overmacht, totdat ze het bevel kregen zich over de rivier terug te trekken in de nacht van 25 op 26 september.

Leslie Bullock komt in deze nacht op 18-jarige leeftijd om het leven. Van de 168 man die van zijn eenheid in actie komen,  komen er 29 ook om het leven, waarvan 15 nooit zijn gevonden of geindentificeerd. Enkele weken later spoelt Leslies lichaam aan bij Maurik. Hij wordt hier begraven op de Algemene begraafplaats. Op één of andere manier staat hij hier te boek als John Bullock. Zijn gouden ring werd op 1 juli 1945 overgedragen aan "English soldiers". In 1948 is niet meer precies bekend in welk graf Leslie nu begraven is en bestaat er onduidelijkheid met het graf van W. Jeavons. Dat heeft er waarschijnlijk voor gezorgd dat hij een anoniem graf heeft gekregen en dat hij wordt herdacht op het Groesbeek-monument voor vermisten.

Van de 10.095 para's die nabij Oosterbeek waren geland, kwamen er minder dan 3.000 over de rivier. De grondtroepen slaagden er niet in zich aan te sluiten en het doel om de oorlog in voor kerst 1944 te beëindigen, mislukte.

Staffordshire Sentinel, Bullock in Memoriam, 25 september 1946

Researcher Philip Reinders is al 35 jaar bezig met de Slag om Arnhem. Hij zag bij het lezen van archiefstukken, dat twee soldaten, Leslie Bullock en Wilfred Jeavons, in juli 1945 waren geïdentificeerd op grond van persoonlijke bezittingen. Normaal gesproken zouden zij ook begraven zijn onder die namen. Wat er in de tussentijd is gebeurd, waardoor zij in Nijmegen zonder naam zijn begraven, is (nog) onbekend.
Erebegraafplaats Jonkerbos in Groesbeek

Door zijn speurtocht is Philip Reinders er zo goed als zeker van dat deze twee geïdentificeerde militairen op Jonkerbos liggen begraven. Maar dat is helaas niet voldoende om de Commonwealth War Graves Commision (CWGC), die het voor het zeggen hebben op de begraafplaats, ervan te overtuigen de identiteit van Wilf en Leslie vast te stellen. Toch kan dat volgens Reinders heel eenvoudig door digitaal een vergelijking te maken met de voorhande zijnde gebitsgegevens.


Philip roept oudere inwoners van Maurik op, die zich de eerste begrafenis nog kunnen herinneren, of de verplaatsing naar zijn laatste rustplaats op Jonkerbos. Of die iets weten van een lijkschouwing door de dokter of van persoonlijke bezittingen die zijn gevonden.
Wie meer weet, kan zich melden bij reinders2@upcmail.nl

Met dank aan www.paradata.org.uk, Philip Reinders en Richard Pursehouse

Terug naar de inhoud