Dhr. W.M. Kolff - Oorlogsslachtoffers Betuwe-West

Westbetuwse oorlogsslachtoffers
Ga naar de inhoud

Dhr. W.M. Kolff

Gemeente West Betuwe > Burgerslachtoffers: > Deil
  Achternaam Kolff
Voornamen Willem Marinus
Voorletters W.M.
Beroep Burgemeester, lid   verzet
Onderscheiding BK.
Geboorteplaats Deil
Geboortedatum 06-02-1882
Overlijdensplaats Sonnenburg,   gevangenis
Overlijdensdatum 25-01-1944
Begraafplaats: Begraafplaats te Slonsk
Gemeente Slonsk
Provincie Lubuskie
Land Polen
Gedenkboek 2   

Willem   Marinus Kolff  werd op 6 februari 1882 geboren te   Deil.
Na de lagere school aldaar bezocht hij het gymnasium te Tiel en   studeerde rechten in Utrecht.
In Utrecht nam hij zeer actief deel aan het studentenleven. De   familietraditie wilde dat Willem Marinus "Tim" burgemeester van   Deil zou worden en in afwachting daarvan werkte hij als   secretaris van de Tiendcommissie te Tiel.

Klik  hier voor de solliciatatie van dhr. Kolff voor het burgemeesterambt.

In 1914 volgde de   benoeming als burgemeester van Deil. In 1927 trouwde hij met Saartje Kolff.  Dit huwelijk liep stuk en in 1935 trouwde   hij met Emmy Kolff. Zijn capaciteiten reikten verder dan het   burgemeester zijn: hij had durf, volharding en ondernemingszin   en grote diplomatieke gaven. Daardoor werd hij dikwijls gevraagd als bemiddelaar bij   bedrijfsconflicten.
De Chamotte-Unie (Bron: RAR-Tiel)

Op 26 november 1930 leidde hij een   conferentie bedoeld te bemiddelen tijdens de staking in de   fabriek van de Chamotte-Unie te Geldermalsen waar een groot   meningsverschil was ontstaan tussen directie en arbeiders. De   conferentie had niet het beoogde resultaat. De spanningen waren   te hoog opgelopen en de staking duurde 14 maanden. Midden   dertiger jaren bemiddelde hij in Lochem in een conflict tussen   melkfabrieken in de Achterhoek.
Bekend was zijn   doorzettingsvermogen, eind twintiger jaren waren de   plattelandsgemeenten in het rivierengebied van West-Gelderland   nog niet aangesloten op het waterleidingnet. Dankzij Tim vond,   ondanks hevig verzet onder de bevolking en tegenstemmers in de   gemeenteraad, op 15 november 1935, de inbedrijfstelling van de   waterleiding in Deil plaats. Deil was hiermee de eerste   plattelandsgemeente in het rivierengebied. Inmiddels werkte Tim   aan het opstellen van de statuten van een op te richten naamloze   vennootschap en op 13 januari 1938 werd N.V. Waterleiding Mij.   Gelderland volgens de statuten zetelend te Deil, opgericht. Pas   in 1961 werd de zetel naar Rheden (Gld.) verplaatst. Tijdens de   crisis in de dertiger jaren, toen er grote werkloosheid heerste,   reisde Tim het hele land door. Hij spoorde wegenbouwers,   aannemers van grondwerken en gemeenten aan om 'zijn' werklozen   in dienst te nemen. Deilenaren werkten o.a. bij de inpoldering   van de Wieringermeer, bij de aanleg van de A2, en bij de bouw   van het Hilversumse stadhuis.
Zijn hulpvaardigheid werd geprezen, zijn soms te scherpe tong   gevreesd. Tijdens een herdenking in 1958 schetste een zijner   tijdgenoten hem als "die nederige, hoogmoedige, ernstige,   humoristische regent".
 
Mr.W.M. Kolff was burgemeester  van de gemeente Deil vanaf 1914. Enspijk maakte in die tijd ook deel uit van die  gemeente. Al in de jaren '30 onderkende hij het gevaar van het opkomend fascisme. In  die jaren heeft hij zich ingezet voor de mensen die in Duitsland hun leven niet  meer zeker waren en op de vlucht sloegen. Kort na de Duitse inval op 10 mei 1940 werd de OrdeDienst opgericht. Mr.Kolff  maakte hiervan deel uit. De leden van de OrdeDienst leefden in de  veronderstelling dat de oorlog spoedig voorbij zou zijn. Het was de bedoeling  dat de OrdeDienst de periode na de oorlog – waarin weer de overgang gemaakt zou  moeten worden naar een normale maatschappij – zou overbruggen. Toen duidelijk werd dat de oorlog langer zou gaan duren, gingen de OD-ers  zich toeleggen op het verkrijgen en het doorgeven van inlichtingen uit bezet  gebied, ten behoeve van de geallieerde oorlogsvoering. Daarnaast hiel de burgemeester zich bezig met het op grote schaal verlenen  van hulp aan onderduikers: geallieerde militairen, of joden, of jongemannen die  zich aan de Arbeitseinsatz hadden onttrokken. Ook hielp hij verzetsgroepen bij het wegsmokkelen van mensen naar Engeland.  Daarvoor moest hij Persoonsbewijzen zien te bemachtigen. Deze waren nodig om als  reisdocument te dienen, maar ook voor het verkrijgen van een stamkaart. Zonder  stamkaart kon men geen voedselbonkaarten krijgen. Hij reisde door heel Nederland  om blanco persoonsbewijzen te bemachtigen. Zo kreeg hij er eind 1941 30 stuks uit  Zwartsluis.
Mr.Kolff was één van de initiatiefnemers van de groep Luctor et Emergo, die  inlichtingen uit bezet gebied via België naar Engeland doorspeelde. Hij was één  van de voormannen van de O.D.-groep van Generaal Roëll.

Op 8 augustus 1942 werd mr. Kolff gearresteerd en meegevoerd naar het bureau  van de Sicherheitsdienst in de Euterpestraat te Amsterdam. Die arrestatie had een tragische  bijzonderheid. Mr W. M.   Kolff kwam thuis toen juist de telefoon ging. Zonder de deur achter zich   te sluiten, begaf hij zich naar het apparaat en de S.D.-ers, die zich   aan zijn woning vervoegden, konden onbelemmerd het huis binnen stappen,   de burgemeester de kans ontnemend zich in een geheime bergplaats te   verstoppen. Hij werd weggevoerd naar Amsterdam, later in het Oranjehotel  te Scheveningen en verbleef achtereenvolgens in Amersfoort, Vught, Haaren (NB)  en de  Utrechtse gevangenis aan de Ganssteeg. Hier werd hij ter dood veroordeeld, maar kreeg gratie.  Dit gebouw werd ook wel het voorportaal van de dood genoemd, omdat van hieruit  transport naar Duitsland volgde.
Eind oktober 1943 werd mr. Kolff van hieruit naar Sonnenburg in Duitsland (nu Polen)  gebracht. De ‘nacht und nebel'-gevangene moest, als tegenstander van de Nazi's  geruisloos verdwijnen. Over hem werden geen inlichtingen meer verstrekt,  administratief had hij opgehouden te bestaan. De gevangenen in Sonnenburg  moesten precisiewerk verrichten voor een nabij gelegen wapenfabriek. Er heersten  besmettelijke ziekten, de gevangenen kregen te weinig te eten en raakten  uitgeput. Op 25 januari 1944 stierf mr. Kolff in Sonnenburg.

Klik  hier voor het dagboekverslag van dhr. Kolff.

Bron overlijdensadvertenties:  Teisterbander


Bron: Historie Deil uitg. Gem. Geldermalsen 2004
Na de oorlog werd mr. Kolff postuum onderscheiden met het Bronzen Kruis  vanwege zijn hulp aan onderduikers en joden en vanwege het onder gevaarlijke  omstandigheden verschaffen van inlichtingen, die van waarde zijn geweest voor de  geallieerde oorlogsvoering. Daarnaast ontving de familie een dankbetuiging van  generaal D.D. Eisenhower voor zijn pilotenhulp en een blijk van deelneming van Koningin Wilhelmina.

Celgenoot W. Ch. J. M. van Lanschot herinnerde hem als volgt:

"Als ik mij goed herinner, werd ik door Hans'-Jacob   met Tim Kolff in contact gebracht. Al spoedig stond hij in onze   organisatie bekend als "de kleine man". Met hem en met de burgemeester   van Rossum, Van Goelst Meyer, had ik regelmatig contact en ontstond een   zeer nauwe samenwerking. Tim verschafte mij voor alle gevallen, waar ik   hem om vroeg, valse papieren voor agenten en anderen, die deze voor hun   activiteiten nodig hadden. Hij bracht mij in contact met een   sabotagegroep in Tiel, welke eenige belangrijke opdrachten voor ons   uitvoerde. Tevens hielp hij mij bij het wegsmokkelen van mensen naar   Engeland. Vele bijeenkomsten melden in het café-restaurant, gelegen vlak   bij de brug bij Zaltbommel. Ook werden mensen, die op weg waren naar   Zwitserland door hem opgenomen. Persoonlijk onderhield bij veel   contacten, die hij gebruikte om de opdrachten, welke hij door mijn   intermédiaire van de uit Engeland komende agenten Kees Schragen en Hans   Zomer ontving, uit te voeren. Nadat hij in O.D.-verband gearresteerd   was, ontmoetten wij elkaar wederom in de gevangenis van Utrecht. Bij   onze resp. verhoren werden wij naar elkaar gevraagd. Wij konden ons   echter beroepen op een oude familievriendschap en konden dus onze   illegale activiteit volkomen verzwijgen. Een zeer spannend moment   ontstond nog, toen een briefje, dat men via een bonafide Nederlandse   bewaker trachtte naar buiten te smokkelen, achterhaald werd en Tim en ik afzonderlijk zwaar in verhoor werden genomen. Later werden   wij regelmatig samen met de Generaal Röell gelucht en de opgewektheid en   het gevoel voor humor van de kleine man werkte altijd bijzonder   opbeurend. Nadat onze resp. processen hadden plaats gevonden, gingen   onze wegen uit elkaar en helaas vernam ik bij mijn terugkeer, dat hij   het hoogste goed gegeven had voor Koningin en Vaderland.
De kleine man was een gróót man, die door zijn voorbeeld vele jongeren   geïnspireerd heeft. Zijn nagedachtenis zal door allen, die hem gekend   hebben en in het bijzonder door hen, die weten hoe zwaar zijn strijd is   geweest, in hoge ere worden gehouden. Gelukkig konden wij ook die zware dagen   doorkomen.
Z.E. Luitenant-Generaal b.d. Jhr. W. Röell geeft mij nog eenige   indrukken omtrent zijn samenzijn met Tim in de Utrechtse gevangenis aan   de Gansstraat en hij beschrijft hem als een vrolijken, aardigen en   geestigen man, die steeds vol verhalen was, vooral over zijn   wederwaardigheden als burgemeester. Met tien man waren wij in een grote   cel opgesloten. Tim wist een goede kameraadschap te handhaven. Niets   wenschte bij voor zich zelf. De inhoud van de vele pakketten die hem uit   Deil bereikten, werd bijna geheel aan zijn lotgenooten uitgedeeld.
Met zijn diep religieus gemoed, leidde hij de Zaterdagsche   bijbelbesprekingen, die aan den daarop volgenden Zondagsdienst vooraf   gingen. Hij ging ook voor in het dagelijksch gebed, dat ons tot in den   ziel ontroerde, niet in de laatste plaats, omdat het hem nu éénmaal   onmogelijk was om dit zonder zeker humor te doen. Hij heeft daardoor   veel bijgedragen tot een hoopvolle stemming en een zekere berusting.   Veel sprak hij met groote liefde over zijn eenig kind, zijn dochter   Liesbeth en vaak waren zijn gedachten bij haar. Onverwacht werd Tim uit   Utrecht weggevoerd.
Later heb ik vernomen, dat hij naar een Duitsch concentratiekamp was   overgebracht en deze beste kerel op 25 januari 1944 te Sonnenberg bij   Berlijn is overleden."

Bron: www.kolff.nl

In het gemeentehuis van Geldermalsen is een gedenkplaat ter ere van  burgemeester Kolff aangebracht. Deze is afkomstig uit het vml. gemeentehuis in  Deil.
Ook is er een straat in Deil vernoemd naar  Willem M. Kolff en een tankstation nabij Waardenburg.
Terug naar de inhoud