Dhr. L. Wilkens uit Tiel - Oorlogsslachtoffers Betuwe-West

Westbetuwse oorlogsslachtoffers
Westbetuwse oorlogsslachtoffers
Ga naar de inhoud

Dhr. L. Wilkens uit Tiel

Gemeente West Betuwe > Buiten de slachtofferslijst
Achternaam: Wilkens
Voornamen: Leonard
Voorletters: L
Beroep: controleur Centraal Beheer
Geboorteplaats: Tiel
Geboortedatum: 21-07-1920
Overlijdensplaats: Zennewijnen / Hurwenen
Overlijdensdatum: 16-03-1945
Begraafplaats: Hurwenen
Gemeente: Maasdriel
Vak:
Rij:
Nummer:

De ouders van Leonard (Leo) Wilkens zijn wijnhandelaar Henri Louis Wilkens (1878 - 1949) en Gerarda Leonarda van der Kuijp (1884 -1960) uit Tiel. Leo wordt daar geboren op 21 juli 1920.
In 1942 doet hij examen aan de Rijks HBS, waarna hij gaat studeren aan het koloniaal Instituut in Amsterdam en de Koloniale Landbouwschool in Deventer. Leo is een bijdehante knaap en speekt goed Engels. Vervolgens wordt hij controleur bij verzekeringsmaatschappij Centraal Beheer.
Hij is in Tiel voorzitter van de VCJC, de Vrijzinnig Christelijke Jeugd Centrale. Ze komen bijeen in de consistoriekamer van de Sint Maartenskerk. Hij is erg gecharmeerd van klassieke muziek en draait daar op een avond de 'Unvollendete' van Schubert.
In oktober 1943 wordt Wilkens door de Duitsers tewerkgesteld op het vliegveld bij Lith. In 1944 sluit hij zich aan bij het verzet en houdt zich bezig met zogenaamde crossings over de Waal. Hij wordt samen met zijn schoolvriend Piet Oosterlee ingedeeld bij de Intelligence Service no. 9 West European Area (IS 9) en komt zodoende in het bezit van een zogenaamde S-phone, op dat moment een nieuwe uitvinding van de Amerikanen op het gebied van draadloos communiceren. Op zijn kamer in zijn ouderlijk huis aan de Bönhofflaan in Tiel heeft Leo een zender waarmee hij berichten verzendt, die vooral opgepikt worden door een Engels vliegtuigje dat regelmatig boven Tiel vliegt, door de bevolking de 'puinkijker' genoemd.

Eind 1944 wordt het hele gezin Wilkens naar Erichem geëvacueerd. Als de vader van Leo met het bericht thuiskomt dat Piet is opgepakt en ingesloten in de gevangenis Wolvenplein in Utrecht, wordt Leo steeds angstiger dat hij ook door iemand zal worden verraden. Hij besluit te vluchten naar de overzijde van de Waal. De Engelsen zouden de volgende avond om halfelf een bootje sturen. Op die bewuste avond van 15 op 16 maart brengen de met een stengun bewapende Gijs de Bie en Leen Papo hem naar de kop van een krib nabij herberg De Roode Molen in Zennewijnen, waar ze hem zouden komen ophalen. Nadat op zijn lichtsignalen naar de overkant van de rivier geen reactie komt, besluit hij te gaan zwemmen, want dat deed hij vroeger ook regelmatig in de Waal. Crosser Gijs de Bie waarschuwt hem nog dat niet te doen vanwege het ijskoude water, waarop zelfs ijs drijft. Leo is bang dat de Duitsers hem toch te pakken zouden krijgen en zet zijn idee toch door, smeert zich in met geweervet dat hij voor dat doel speciaal heeft meegenomen en gaat te water. De volgende dag wacht iedereen op een bericht dat hij veilig aangekomen is, maar dat komt niet.
Op 13 april 1945 wordt zijn lichaam gevonden, aangespoeld nabij Hurwenen. Dit wordt echter pas in september van dat jaar in Tiel vernomen. Zijn ouders krijgen als bewijs dat het hun zoon was, op het gemeentehuis van Rossum een horloge te zien dat Leo eens had gekregen van een Engelse kapitein. Zijn lichaam is begraven op de Gemeentelijke begraafplaats aan de Dorpsstraat in Hurwenen.
Na de oorlog krijgt Wilkens van Koning George VI van het Verenigd  Koninkrijk postuum een medaille voor zijn hulp aan Engelse piloten.
Zijn ouders, zijn begraven in het naastgelegen graf. Zijn vader overleed op 18 augustus 1949 en zijn moeder op 8 februari 1960.

Bron: De nieuwe Kroniekvan mei 2013, uitgave Oudheidkamer Tiel e.o.
Terug naar de inhoud